Centrum Letsel & Schade

Specialist verzekeringsgeneeskunde en medische expertise

Bereikbaar iedere werkdag van 09:00u tot 18:00u op 0477 35 60 76

Toon items op tag: schadevergoeding

De ELIDA schaal is een document dat gaat over de inschatting van het verlies van onafhankelijkheid in de dagelijkse activiteiten. ELIDA staat voor de Engestalige term hiervoor, namelijk de "Estimation of Loss of Independence in Daily Activities"

U kan de ELIDA schaal, vertaald door W. Brusselmans, C.L.N.R., U.Z.Gent, hier downloaden.

 

 

De indicatieve tabel is in België een lijst van forfaitaire schadevergoedingen die opgesteld is door het Nationaal verbond van magistraten van eerste aanleg en het Koninklijk verbond van vrede- en politierechters. Die lijst is bedoeld als leidraad voor de raming van schade die men niet in concreto (schade waarvan men geen bewijs kan aanvoeren) kan begroten, die men dus niet aan de hand van bewijsstukken kan aantonen (bvb. de morele schade).

Klik hier om de indicatieve tabel van 2020 te downloaden.

Deze vervangt de voorgaande oudere versie, namelijk de indicatieve tabel van 2016 die u terug kan vinden door hier te klikken.

 
 
GEMEEN RECHT  WET ARBEIDSONGEVAL
Alle verliezen, niks uitgezonderd
Aansprakelijke derde die in fout is
forfait met plafond
enkel inkomsten verlies dus economische schade
geen fout
 Welke verliezen worden betaald ?

UITGAVEN :

Alle medische kosten en werkelijk alle verliezen die in oorzakelijk verband staan
( bewijsprobleem)

-------------------------------------------------------------

TIJDELIJKE ARBEIDSONGESCHIKTHEID

Het totaal inkomstenverlies

Meerinspanningen voor de dagen dat men het beroep uitoefende met lichamelijke hinder

Huishoudschade

Morele schade: persoonlijke ongeschiktheid – pretium doloris ( prijs van de pijn in zware gevallen)

 Welke verliezen worden betaald ?

UITGAVEN :

Alle medische kosten plus wat is beschreven in de wet: prothesen, orthesen, verplaatsingskosten ( dus binnen de perken van de wet en niks méér)

--------------------------------------------------------

TIJDELIJKE ARBEIDSONGESCHIKTHEID

90 % van het maandloon ( met plafond)

 BLIJVENDE ONGESCHIKTHEID - WIJZE VAN EVALUATIE EN BEGROTING

Schending van de mogelijkheden op de arbeidsmarkt, vermindering van concurrentie mogelijkheden tegenover andere werkkrachten in de sector

----------------------------------------------------------------

Voorafbetaande toestand wordt in aanmerking genomen dus vermindering percentage en vergoeding inperken als het lichaam al eerder was aangetast op zelfde plaats

enkel de verergering wordt vergoed

---------------------------------------------------------------
Alle andere schadeposten:

Persoonlijke ongeschiktheid

Persoonlijke ongeschiktheid ( volgens de indicatieve tabellen mag met het niet meer “ invaliditeit” noemen. De franstaligen noemen het nochtans nog vaak “ invalidité”. Het is de vroegere morele schade ( die terminologie is gebannen)

Sexuele schade

Genoegenschade ( hobby weggevallen)

Esthetische schade ( schoonheid verminderd)

Hulp van derden ( zonder plafond)

 BLIJVENDE ONGESCHIKTHEID - WIJZE VAN EVALUATIE EN BEGROTING

Schending van de mogelijkheden op de arbeidsmarkt, vermindering van concurrentie mogelijkheden tegenover andere werkkrachten in de sector

--------------------------------------------------------

ongeacht de voorafbestaande toestand / evaluatie in zijn totaliteit, het lichaam wordt bekeken in zijn totaliteit
de minste verergering van een voorafbestaande toestand volstaat voor volledige vergoeding

Hulp van derden ( geplafonneerd)

WELKE GELDEN

Kapitaal of rente
Niet geplafonneerd, het moet de werkelijke schade vergoeden, niks meer niks minder
en op basis van totaal geschat inkomstenverlies tot overlijden

 WELKE GELDEN

Forfait ( begrensd tot plafond zoals becijferd in de wet arbeidsongevallen)

HERZIENBAARHEID

Niet herzienbaar, definitieve vergoeding
Tenzij uitdrukkelijk voorbehoud voor de toekomst wordt overeengekomen of gevonnist ( reserve voor de toekomst is uitzondering op de regel van defintieve vergoeding in gemeen recht)

HERZIENBAARHEID

Gedurende drie jaar herzienbaar
In geval van verergering van minstens x %

CONSOLIDATIEDATUM
Ongeacht al dan niet werkhervatting.
Een huismoeder kan bijvoorbeeld arbeidsongeschikt verklaard worden.
---
minnelijke schikking mogelijk
minnelijke expertise met bindende derdenbeslissing mogelijk (MME)
CONSOLIDATIEDATUM
In arbeidsrecht gaat de consolidatiedatum gepaard met echte werkhervatting tenzij volledig arbeidsongeschikt verklaard.
---
Partijen kunnen gemeenschappelijk onderzoek organiseren maar de MME ( minnelijke medisch expertise is verboden ! Van openbare orde, hiervan mag niet worden afgeweken. Dit is gunstig voor het slachtoffer vermits verzekeringsmaatschappijen dikwijls de MME misbruiken ( er kan meestal door de rechtbank niks meer aan veranderd worden)
   

De vergoeding van een arbeidsongeval is volledig verschilend van een vergoeding in gemeen recht. We gaan het hier uitsluitend hebben over een arbeidsongeval.

In mijn praktijk als raadsdokter moet ik met de patiënt beslissingen treffen. De patient komt me vragen of hij een beslissing van de arbeidsongevallen verzekering zou aanvechten en vraagt aan de raadsdokter expert welk geld hij zal ontvangen.

Er wordt dan met de patiënt een afweging gemaakt over het al dan niet aannemen van een vergoedingsvoorstel. De dokter begeleidt de patiënt in het nemen van een beslissing over ja dan neen aanvechten van een voorstel van de verzekering.

In bijlage kan u een lijst vinden van aandoeningen waarvoor u een aanvraag "beroepsziekte" kan doen: de lijst van de beroepsziekten die aanleiding geven tot een schadeloosstelling.

Wil u meer informatie? Aarzel dan niet mij te contacteren...

Klik hier om deze als pdf bestand te verkrijgen.

 

 

In mijn expertise werkzaamheden wordt dikwijls gediscuteerd met de verzekering van tegenpartij over de graad van pijn. Hoe wordt dat gemeten ?

Is er een meetlat om de hoegrootheid van pijn vast te leggen op een schaal ?

En hoe wordt de pijn na een ongeval vergoed ?

Er is volgens de indicatieve tabellen sprake van vergoeding voor een hoeveelheid pijn, uitgedrukt in PRETUM DOLORIS.

De patiënt vraagt zich af hoe zijn pijn wordt beschreven in een schadeclaim. In mijn verdediging van letselschade gebruik ik elementen uit een boek dat hieronder wordt beproken. Deze informatie wordt ook door de letselschade advocaat gebruikt om een schade-eis te formuleren.

Wat hierna volgt heb ik copy-paste ontleend uit de website die is gelinkt op www.seniorennet.be:

www.blog.seniorennet/jules...

Deze bronvermelding is van belang voor elke persoon die meer informatie zoekt over cvs- fybromialgie, vermoeidheidssyndroom.


CITAAT MET VERMELDING VAN BRON AUTEUR

Onderzoek, diagnose en het meten van pijn

Prof. Dr. Wouter W.A. Zuurmond
– SpreekuurThuis -

Pijn is meer dan een eenvoudig neurofysiologisch gebeuren.
Hoewel bijna iedereen het verschijnsel pijn kent, is het moeilijk te meten.
Individuele interpretatie en expressie maken evaluatie en vergelijking lastig.


Verschillende soorten pijn

Voordat chronische pijn behandeld kan worden, moet de oorzaak van de pijn nauwkeurig onderzocht worden.
Daarbij onderscheiden we verschillende soorten pijn :

* Acute en subacute pijn
Hierbij bestaat een duidelijke oorzaak.
Voorbeelden van deze soort zijn pijn na een trauma en pijn bij bevalling.
Ook bij kanker of reuma kan acute pijn optreden.
De pijn ontstaat overwegend aan de uiteinden van de A-deltavezels en C-vezels, die verantwoordelijk zijn voor het ontstaan van pijn.

* Chronische pijn
Wanneer de pijn langer aanhoudt dan het oorspronkelijke lijden doet vermoeden, is er sprake van chronische pijn.
Voor de behandeling van pijn heeft het maken van dit onderscheid tussen verschillende pijnsoorten consequenties voor de behandeling.
Chronische pijn is onder te verdelen in drie soorten, die vaak tegelijk kunnen voorkomen (mengvormen) : weefselpijn, zenuwpijn en pijn van psychologische oorsprong.

  • Weefselpijn
    Weefselpijn, ook wel nociceptieve pijn genoemd, is pijn die ontstaat bij de zenuwuiteinden die voor het pijngevoel verantwoordelijk zijn : A-deltavezels en C-vezels (cfr. 'Hoe ontstaat pijn' : http://www.spreekuurthuis.nl/themapag.html?thema=Chronische+pijn&hfdstk=3 -).
    Deze pijn begint vaak acuut als waarschuwingssignaal, maar kan overgaan in chronische pijn.
    Voorbeelden, waarbij de weefselpijn de boventoon voert, zijn : pijn bij of na (chronische) ontstekingen, fracturen en artrose van de gewrichten.
    Het karakter van de pijn wordt aangegeven als dof, scherp, kloppend of stekend.
  • Zenuwpijn
    Zenuwpijn, ook wel 'neuropathische pijn' genoemd, is pijn die wordt veroorzaakt door beschadigingen of afwijkingen van het zenuwstelsel zelf, dat wil zeggen vanaf de zenuwuiteinden, zenuwen, zenuwknopen, ruggenmerg tot en met de hersenen.
    Volgens de definitie van de International Association for the Study of Pain is dit pijn die ontstaat of wordt veroorzaakt door schade aan het zenuwweefsel of door een functiestoornis daarvan.
    De pijn ontstaat en wordt onderhouden binnen het zenuwstelsel, soms zelfs bij afwezigheid van prikkels.
    Deze pijn heeft, zoals bij chronische pijn vaak het geval is, geen waarschuwingsfunctie meer en is derhalve zinloos.
    De symptomen van zenuwpijn die spontaan kunnen optreden, zijn te omschrijven als een brandende, schrijnende, schietende, stekende en/of tintelende pijn.
    Tevens kan er sprake zijn van een koudesensatie, jeuken en/of elektrische sensaties (paresthesieën).
    De pijn is niet afhankelijk van bewegingen of belasting en kan continu aanwezig zijn met een wisselende intensiteit of intermitterend (in aanvallen).
    De zenuwpijn kan ook optreden in het verloop van een zenuwbaan, zoals bij rug- en of nekklachten, tintelingen of pijnlijke sensaties in armen, handen, benen of voeten.
    Een ander typisch kenmerk van zenuwpijn kan de pijn bij aanraking zijn.
    Zelfs wind en tocht kunnen pijn veroorzaken aan of in lichaamsdelen en ook kledingstukken kunnen moeilijk verdragen worden.
    Dit wordt 'allodynie' genoemd.
    Andere kenmerken zijn vermindering van gevoel, verhoogde gevoeligheid voor niet-pijnlijke prikkels (hyperesthesie), een abnormale pijnreactie op een geringe pijnprikkel (hyperalgesie) of een abnormale pijnlijke reactie op een herhaalde prikkel (hyperpathie).
    Zenuwpijn kan vele oorzaken hebben :
    - infecties (na gordelroos, Lyme disease, AIDS)
    - letsels (amputatie, operatie, bevriezing, verbranding, dwarslaesie)
    - zenuwbeklemming, bijvoorbeeld ten gevolge van inzakking van de wervels bij osteoporose of trauma
    - neurologische ziektebeelden (multiple sclerose, na een beroerte of hersenbloeding)
    - stofwisselingsstoornissen zoals suikerziekte, te geringe wer-king van de schildklier
    - bijwerkingen van geneesmiddelen (cytostatica bij chemotherapie)
    - overmatig alcoholgebruik
    - schadelijke stoffen, bijvoorbeeld bij langdurige inademing van afbijtmiddelen die schilders gebruiken, landbouwgiften, lood
    - stress, 'erfelijke gevoeligheid', vermindering van weerstand van het 'zenuwimmuunsysteem'.
    Wanneer het beschadigde zenuwweefsel zich in de ledematen of het lichaam bevindt, spreken we wel van 'perifere' neuropathische pijn; wanneer ruggenmerg of hersenen zijn aangedaan, spreken we wel van 'centrale' zenuwpijn.
    Deze indeling is in feite kunstmatig omdat het zenuwstelsel een 'totaalsysteem' is waarbij het soms niet mogelijk is om een onderscheid in delen te maken.
    Zenuwpijn treedt veelal op in combinatie met weefselpijn.
    Er is echter een aantal specifieke ziektebeelden waarbij neuropathische pijn de boventoon voert (cfr. 'Neuropathische pijn of zenuwpijn' :
    http://www.spreekuurthuis.nl/themapag.html?thema=Chronische+pijn&hfdstk=17 -.
    Zenuwpijn kun je moeilijk behandelen omdat een aantal soorten pijnstillers zoals paracetamol en aspirineachtigen (NSAID's) er minder vat op krijgen.
    Het is van belang om er snel achter te komen of er sprake is van zenuwpijn zodat een passende therapie ingesteld kan worden (cfr. 'Algemene behandelingsmethoden van pijn' :
    http://www.spreekuurthuis.nl/themapag.html?thema=Chronische+pijn&hfdstk=5 -).


Pijn van psychologische oorsprong

Natuurlijk spelen psychologische factoren een rol bij pijn.
Hoe je het ook wendt of keert, pijn heeft invloed op de psyche van de mens en omgekeerd kunnen psychologische factoren de pijn verminderen of verergeren.
Depressiviteit kan zich uiten via pijn en depressiviteit kan pijn en moeheid tot gevolg hebben.
De behandeling van pijn zonder dat er aandacht is voor psychologische factoren is niet verstandig.
Als iemand een schop krijgt, treden er immers al psychische veranderingen op.
Je kunt bijvoorbeeld verdrietig of inwendig boos worden of agressief gedrag gaan vertonen.
Een patiënt kan dan ook terecht boos worden als hij iemand hoort beweren 'dat het allemaal wel tussen zijn oren zal zitten'.
En in diezelfde categorie valt ook een opmerking als 'het zal allemaal wel meevallen omdat deze patiënt die aan chronische pijn lijdt er zo goed uitziet'.
Het is onjuist om iemand die aan pijn lijdt waarvoor geen directe oorzaak gevonden is, als simulant te bestempelen.
Om pijn goed te kunnen behandelen, moet eerst duidelijk zijn hoe ernstig de pijn is.
Pijn is meer dan een eenvoudig neurofysiologisch gebeuren.
Hoewel bijna iedereen het verschijnsel pijn kent, is het moeilijk te meten.
Individuele interpretatie en expressie maken evaluatie en vergelijking lastig.
De drie-eenheid van somatische, psychologische en sociale factoren bepalen pijn en pijngedrag.


De Visuele Analoge Schaal (VAS)

De Visuele Analoge Schaal bestaat uit een 10 cm lange horizontale lijn die loopt van 'Geen pijn' (0) tot 'Ondraaglijke pijn' (10).
De patiënt wordt gevraagd hierop een markering aan te brengen.
De score wordt dan gemeten en uitgedrukt in mm of cm.
Deze schaal wordt waarschijnlijk het meest gebruikt bij de meting van pijn.
Het is een eenvoudige methode om pijn in een getal te laten uitdrukken.
Nadelen van het gebruik van de VAS-schaal kunnen zijn dat de bepaling van de ernst van de pijn op een te simpele, ééndimensionale manier plaatsvindt en dat er altijd patiënten zullen zijn die de test niet (kunnen) begrijpen.

Bij kinderen maakt men gebruik van een plaatje met 'gezichtjes' met verschillende gelaatsuitdrukkingen, waaruit het kind dan het meest toepasselijke kiest (om de gelaatsuitdrukking van de patiënt weer te geven maakt men wel gebruik "gezichtjes"; voor meting van pijn bij kinderen worden de zogenaamde "smiley-zonnetjes" gebruikt.).


Meetvariabelen

Pijngedragingen kunnen op verschillende manieren worden gemeten.
Een aantal meetparameters zijn :
- aantal uren dat de patiënt per etmaal op bed doorbrengt
- geneesmiddelengebruik, welke en hoeveel
- A(ctiviteiten) D(agelijks) L(even)-niveau (ADL-niveau).
Bij chronische-pijnpatiënten kan het bijhouden van een pijndagboek veel informatie over pijnbeleving en pijngedrag opleveren.
Op voorgedrukte bladen kan de patiënt per dag opschrijven wat hij of zij deed (slapen, liggen, zitten, lopen) en kan hij of zij de pijnscore en het geneesmiddelengebruik noteren.
De voordelen hiervan zijn dat bij bezoek aan de behandelende arts het verslag van de pijn niet beïnvloed wordt door de pijn die de patiënt onlangs leed.
Verder geeft het een beeld van het activiteitenpatroon van de patiënt en de invloed van pijn hierop.
Het bijhouden van het dagboek is eenvoudig en geeft een indruk van het gedrag van de patiënt thuis.
Een nadeel kan zijn dat door het bijhouden van het dagboek de patiënt te veel geconfronteerd wordt met zijn pijn en pijnbeleving.
Bovendien vult de ene patiënt het dagboek waarschijnlijk trouwer en preciezer in dan een andere.


Meting van de kwaliteit van het leven

Pijnmeting geeft op zich onvoldoende informatie over de toestand van degene die aan pijn lijdt.
De vraag is wat voor gevolgen de pijn heeft op het leven van de patiënt.
Hoe gaat het op het werk, met het gezinsleven, hoe zijn de sociale contacten ?
Om 'de kwaliteit van leven' te meten, heeft men vele testen ontwikkeld.
De bekendste is de schaal volgens McGill, waarin aandacht wordt besteed aan de verschillende dimensies van het leven : het puur lichamelijke, het sociale gebeuren en de psychologie.
De mening van de familieleden en bekenden die in nauw contact staan met de patiënt en de mening van de behandelende artsen en paramedici moeten eveneens betrokken worden bij de meting van kwaliteit van leven.
Een vermindering van pijn volgens de VAS heeft slechts geringe betekenis als dit weinig of geen invloed heeft op de algemene kwaliteit van leven.
Zowel arts als patiënt kunnen dan niet tevreden zijn.
Andere mogelijkheden tot verbetering van de levenskwaliteit moeten dan worden nagegaan.

Einde citaat boek en vermelding op www.blog.seniorennet/jules   waarnaar wordt verwezen door dokter Michel Van Loo die de tekst copypaste heeft geciteerd op 10.2.2016

Indien de dader onbekend of onvermogend blijkt, is het billijk dat de staat de slachtoffers mee vergoedt. Deze financiële tegemoetkoming zal heden het aangerichte leed volledig kunnen goedmaken.

U kunt zich wenden tot het staatsfonds, dat heet FONDS Financiële Hulp aan slachtoffers van Opzettelijke Gewelddaden. Dit administratief rechtscollege te Brussel gaat na of de staat financieel kan tussenkomen en bepaalt het bedrag van deze hulp.
Het kan alleen slaan op compensatie voor lichamelijke letsels, vergoeding na een uitspraak van een rechtbank of een hof van beroep. Het betreft een tussenkomst nadat het bedrag waartoe iemand is veroordeeld niet kan worden gerecupereerd. Of wanneer de dader onbekend is. Dan moet geen vonnis worden afgewacht.

Het vonnis is tegen de onwillige dader, niet tegen het Fonds !

Het gaat niet om vergoeding in geval van arbeidsongeval tegen een verzekeringsmaatschappij.
Wel mogelijk tegen een werkgever die in een arbeidsongeval is veroordeeld om de werknemer te vergoeden. De blijvende arbeidsongeschiktheid en morele schade zijn wel onderscheiden begrippen.

Als u uw schade wil laten begroten in cijfers is de bijstand van een medisch expert nuttig. Een arts gespecialiseerd in verzekeringsgeneeskunde kan uw dossier klaarmaken om neer te leggen aan het FONDS.

 

Volledig artikel bij "download bijlagen" hieronder

medischdiversLichamelijk restletsel na een verkeersongeval bijvoorbeeld kunnen aanleiding geven tot Invaliditeit/Arbeidsongeschiktheid.

De raadsdokter van de Verzekering van de tegenpartij zal na verloop van tijd de zaak afsluiten (\"consolideren\"). Deze besluiten zijn belangrijk, immers ze geven weer hoe men uw letsels inschat:

  • de tijdelijke invaliditeit (T.I.),
  • tijdelijke huishoudschade,
  • tijdelijke persoonlijke schade,
  • blijvende  invaliditeit (B.I.) ,
  • tijdelijke arbeidsongeschiktheid (T.A.O),
  • blijvende arbeidsongeschiktheid (B.A.O.),
  • blijvende huishoudschade,
  • blijvende persoonlijke schade,
  • meerinspanningen,
  • littekens,
  • hulp van derden,
  • toekomstige  verslechtering (Voorbehoud voor de Toekomst), etc ...


De verzekeringsmaatschappij van de tegenpartij stuurt dan meestal een regelingsvoorstel op.

Bent u het niet eens met het voorgestelde bedrag, dan kunt u zich via uw rechtsbijstandverzekering laten bijstaan door een eigen raadsgeneesheer, die de percentages invaliditeit  dan terug herevalueert en een eigen consolidatiebesluit opstelt.

Wanneer er met de verzekeraar overeengekomen wordt om een minnelijke medische expertise (\"M.M.E.\") uit te voeren, gaan beide experten samen met het slachtoffer rond de tafel gaan zitten om uw dossier in gezamenlijk overleg af te sluiten in uw voordeel.  

Er is een uitweg voorzien als er geen overeenstemming kan bereikt worden tussen de geneesheren-deskundigen. In die (uitzonderlijke) gevallen  treedt daarbij dan een derde dokter op, die in onderling overleg wordt gekozen.

Zo\'n minnelijke medische expertise biedt het voordeel dat er een evenwichtig gesprek plaatsvindt tussen twee evenwaardige medische experts. Uw eigen bijstandsarts heeft mee beslissingsrecht. U staat dus niet langer alleen tegenover een verzekeraar.

De begrotingswijze van de schade voortvloeiend uit lichamelijk letsel verschilt naargelang de schade zich situeert in de periode van tijdelijke arbeidsongeschiktheid, dan wel wanneer het een blijvende arbeidsongeschiktheid (of invaliditeit) betreft.

Men spreekt van tijdelijke arbeidsongeschiktheid in de periode volgend op het ongeval waarin de lichamelijke letsels, opgelopen door het slachtoffer, nog aan evolutie onderhevig zijn. Deze periode loopt tot op de consolidatiedatum, of met andere woorden het moment waarop de toestand van het slachtoffer gestabiliseerd is, hetzij omdat hij volledig genezen is, hetzij omdat verder herstel weinig waarschijnlijk is.

De blijvende invaliditeit begint te lopen op de consolidatiedatum en is - de term zegt het zelf - permanent.

Aangezien de toestand van het slachtoffer tot op de consolidatiedatum aan wijzigingen onderhevig is, is een expertise pas zinvol na de consolidatiedatum. Pas dan zal een expert zicht hebben op de blijvende invaliditeitsgraad in hoofde van het slachtoffer.

Tijdelijke arbeidsongeschiktheid

1. Materiële schade

A. Loonverlies

De basis voor de begroting van de materiële schade voortvloeiend uit tijdelijke arbeidsongeschiktheid verschilt, naargelang het slachtoffer een weddetrekkende of een zelfstandige is. Weddetrekkenden Schade ingevolge tijdelijke arbeidsongeschiktheid van een weddetrekkende wordt berekend op basis van het inkomen op de dag van het ongeval.

In de rechtspraak is herhaaldelijk de vraag gerezen of deze schade moet begroot worden in functie van het bruto, semi-bruto of netto inkomen van het slachtoffer.

Het Hof van Cassatie heeft inmiddels herhaalde keren geoordeeld dat de schadevergoeding niet mag begroot worden op basis van het bruto-inkomen, tenzij de rechter vaststelt dat de sociale en fiscale lasten, die het slachtoffer zal moeten betalen op de schadevergoeding gelijk zijn aan deze verschuldigd op zijn loon.

Op de schadevergoeding zijn geen RSZ-bijdragen verschuldigd, zonder dat dit leidt tot een verlies van sociale voordelen. Voortgaand op deze vaststelling hanteert een meerderheid in de rechtspraak het semi-brutoloon, nl. het loon verminderd met RSZ-bijdragen, als maatstaf bij de begroting van het inkomensverlies ingevolge een tijdelijke arbeidsongeschiktheid.
Er is op dit punt echter geen volledige unanimiteit in de rechtspraak. Zo zijn er rechtbanken die uitgaan van het nettoloon en voorbehoud maken voor eventuele fiscale en sociale lasten die hierop zouden drukken.

Zelfstandigen. Veel meer dan bij weddetrekkenden is het inkomen van zelfstandigen aan fluctuaties onderhevig. Daarenboven brengt een arbeidsongeschiktheid niet noodzakelijk een proportioneel inkomensverlies met zich mee. Soms blijft het inkomen zelfs ongewijzigd omdat het bedrijf van het slachtoffer door personeel of collega\'s verder draaiende wordt gehouden.

Is er toch een inkomensverlies, dan kan het inkomen op het ogenblik van het ongeval voor deze professionele categorie een vertekend beeld geven van het daadwerkelijk geleden inkomstenverlies. Om deze reden neemt men bij zelfstandigen als basis voor de schadeberekening vaak een gemiddeld inkomen gedurende een bepaalde referentieperiode (door de rechter bepaald). Doorgaans wordt het netto-inkomen als basis genomen en wordt dit - mits voorlegging van stavingstukken - verhoogd met de vaste kosten die hoe dan ook verschuldigd zijn, zelfs als men geen activiteit kan uitoefenen (bvb. huur kantoorruimte).
Om de schade voortvloeiend uit de tijdelijke arbeidsongeschiktheid te begroten, gaat men vervolgens het basisinkomen vermenigvuldigen met de in het expertiseverslag weerhouden graad van arbeidsongeschiktheid. De uitkeringen die het slachtoffer van het ziekenfonds heeft ontvangen moeten in mindering gebracht worden op de volgens voorgaande formule berekende schadevergoeding.

B. Economische waarde huisvrouw / huisman

Alhoewel een huisvrouw voor haar huishoudelijke taak geen vergoeding ontvangt, vertegenwoordigt haar werkzaamheid een economische waarde. Wanneer zij deze ingevolge een tijdelijke arbeidsongeschiktheid niet meer kan uitoefenen, heeft zij recht op een schadevergoeding voor materiële schade.

De begroting hiervan stelt weinig problemen wanneer de taken van de huisvrouw bij volledige arbeidsongeschiktheid door derden, tegen betaling, worden overgenomen. In voorkomend geval zullen deze kosten integraal door de aansprakelijke gedragen moeten worden.

Indien de taken worden overgenomen door iemand anders binnen het gezin of indien de huisvrouw, ondanks haar arbeidsongeschiktheid, zelf deze taken blijft vervullen, wordt een forfaitaire vergoeding toegekend.

De Indicatieve Tabel voorziet een vergoeding van 700 fr. per dag voor een gezin zonder kinderlast. Voor een gezin met maximum twee kinderen wordt een forfaitaire vergoeding van 1.000 fr. per dag voorzien. Per bijkomend kind stijgt dit bedrag met 200 fr. Deze bedragen gelden voor een arbeidsongeschiktheid van 100 %. Bij lagere percentages worden ook de vergoedingen proportioneel verminderd.

Er zal een verdeling gebeuren van de hierboven aangehaalde waarden wanneer beide partners uit werken gaan, a rato van hun beschikbaarheid voor het huishouden. Anderzijds zullen de basistarieven met 25 % verhoogd worden indien de huisvrouw alleenstaande is (gescheiden, weduwe, ... ).

C. Materiële schade wegens aantasting van fysieke integriteit zonder inkomstenverlies

Wanneer het slachtoffer geen inkomstenverlies lijdt, kunnen we niet terugvallen op bovenstaande berekeningsmethoden. De begroting van schade ingevolge tijdelijke arbeidsongeschiktheid zonder inkomstenverlies gebeurt verschillend naargelang deze arbeidsongeschiktheid volledig of gedeeltelijk is.

Een volledige arbeidsongeschiktheid die niet gepaard gaat met inkomstenverlies is uitzonderlijk. Het is evenwel mogelijk dat bvb. een zaakvoerder van een vennootschap tijdens de periode van volledige arbeidsongeschiktheid zijn inkomen gewoon blijft verder ontvangen, zonder dat hij enige activiteit uitoefent. In dit geval leidt de volledige arbeidsongeschiktheid niet tot inkomensverlies en zal hiervoor ook geen materiële schadevergoeding toegekend worden.

Anders is het wanneer een volledig arbeidsongeschikte, vervroegd het werk hervat. Het spreekt voor zich dat dit een eerder uitzonderlijke situatie is. Zelfs indien het slachtoffer dan geen inkomensverlies lijdt, kan het toch aanspraak maken op een materiële schadevergoeding, voor de meerinspanningen die het moet leveren om zijn inkomen te verwerven.

Samenvattend kan gesteld worden dat het slachtoffer geen aanspraak zal kunnen maken op een vergoeding voor materiële schade wanneer hij tijdens de periode van tijdelijke arbeidsongeschiktheid geen inkomensverlies ondergaat en evenmin meerinspanningen moet leveren.

Wanneer het slachtoffer van een ongeval behept is met een gedeeltelijke arbeidsongeschiktheid, is de uitoefening van een beroepsactiviteit niet noodzakelijk uitgesloten. In dit geval zal het slachtoffer doorgaans meerinspanningen moeten leveren om zijn inkomen te verwerven. Voor deze bijkomende inspanningen wordt een materiële schadevergoeding toegekend.

De begroting van deze schadepost gebeurt doorgaans forfaitair. De indicatieve tabel stelt een bedrag van 700 Bef /dag voorop bij 100 % arbeidsongeschiktheid. Dit betekent concreet dat bij gedeeltelijke arbeidsongeschiktheid het overeenstemmende percentage op dit bedrag wordt toegepast bvb. 50 % arbeidsongeschiktheid = 50% van 700 Bef/dag ofwel 350 Bef/dag.

Bij lage gradaties van arbeidsongeschiktheid kent men vaak geen vergoeding voor meerinspanningen toe. Dit zal geval per geval benaderd worden. Op dit punt kan het expertiseverslag doorslaggevend zijn, wanneer het de noodzaak van meerinspanningen aangeeft.

Andere schadeposten, voortvloeiend uit lichamelijk letsel

Hierboven werden de meest voorkomende vormen van schade, ingevolge aantasting van de fysieke integriteit toegelicht.

In een aantal gevallen geeft lichamelijk letsel aanleiding tot andere vormen van schade, die eens zij vaststaan eveneens voor vergoeding in aanmerking komen.

1. Pretium voluptatis.

Deze schadepost beoogt het verlies of de vermindering van seksueel genot te
vergoeden. Deze vorm van schade kan zich in allerlei gradaties en vormen aandienen, gaande van gevoelloosheid, impotentie, onmogelijkheid om nog op natuurlijke wijze kinderen te krijgen enz.

Gelet op de schroom in hoofde van sommige slachtoffers om deze schadepost aan te kaarten, is een vermelding ervan in het deskundig verslag veelal noodzakelijk om tot vergoeding te komen. Deze schadepost wordt hetzij afzonderlijk vergoed, hetzij samen met de morele schade.

2. Genegenheidsschade.

Genegenheidsschade is een bijzondere vorm van schade, bij weerkaatsing geleden door familieleden wegens het aanschouwen van het lijden van een geliefd wezen.

Vergoeding van genegenheidsschade is eerder uitzonderlijk en beperkt zich in regel tot de gevallen van ernstige blijvende invaliditeit (blindheid, verlamming, amputatie, zware brandwonden), al zijn er in de rechtspraak uitzonderingen op dit beginsel te vinden.

Genegenheidsschade wordt bijna uitsluitend toegekend aan de met het slachtoffer samenwonende naaste verwanten (ouders/kinderen en echtgenoten). In de zeldzame gevallen waar aan zijverwanten (broers/zusters) een vergoeding voor
genegenheidsschade werd toegekend, betrof het telkens een situatie van samenleving.

Het is moeilijk een lijn te trekken in de toegekende bedragen. In de rechtspraak vindt men vergoedingen van 1 Bef tot 750.000 Bef terug.

3. Verlies van een schooljaar.

Wanneer het slachtoffer ingevolge zijn tijdelijke arbeidsongeschiktheid een bepaalde tijd de lessen niet heeft kunnen volgen en/ of geen examens heeft kunnen afleggen, verliest dit slachtoffer een studiejaar. Deze schade wordt door de rechtspraak doorgaans beschouwd als het verlies van een kans. Aan de hand van de door het slachtoffer voorgebrachte bewijzen o.m. van gemiste beroepsinkomsten, zal men pogen dit verlies zo concreet mogelijk te begroten. Meestal ontbreken deze bewijzen, zodat de rechtspraak noodgedwongen terugvalt op forfaitaire bedragen, die stijgen naargelang het scholingsniveau. De Indicatieve tabel voorziet volgende bedragen :

 > lager onderwijs :90.000 Bef

 > middelbaar onderwijs:150.000 Bef

 > hoger onderwijs :200.000 Bef

 > universitair onderwijs:300.000 Bef.

Een aparte vergoeding wordt soms toegekend aan de ouders van het slachtoffer, b.v. omdat gemaakte kosten verloren gaan of omdat zij een jaar langer voor het onderhoud van hun kind zullen moeten instaan.

Rechters doen een beroep op experts om hen klaarheid te verschaffen in technische aangelegenheden, waarin zij zelf niet thuis zijn. Van een medisch expert verwacht de rechter dan ook in eerste instantie dat hij in voor een leek begrijpelijke taal een omstandige omschrijving geeft van de medische toestand van het slachtoffer. De expert zal zich hierbij baseren op het medisch dossier, de ondervraging van het slachtoffer, een onderzoek van het slachtoffer en zonodig bijkomende onderzoeken door specialisten. Voortgaand op de medische feitelijkheden die zijn onderzoek aan het licht brengen, dient een medische expert vervolgens conclusies te trekken naar de schadebeschrijving toe. Deze beschrijving dient, in het belang van het slachtoffer zo diepgaand mogelijk te gebeuren. Tijdelijke arbeidsongeschiktheden worden bij voorkeur uitgedrukt in termijnen en graden. Bij blijvende invaliditeit vermeldt men indien van toepassing - de weerslag van de invaliditeitsgraad op het prestatievermogen van het slachtoffer (bv. noodzaak van meerinspanningen).

Om aan de rechter de waarderingselementen voor de morele schade te verschaffen, moet de expert een nauwkeurig beeld scheppen van de beleving van het trauma (de pijn, de beperkingen in het dagelijks leven, in vrijetijdsbesteding, beroep, de verloren moed.

Bij de schadebegroting eindigt de taak van de expert en begint de taak van de rechter de expert zal de rechter alle elementen verschaffen om een zo correct en volledig mogelijke schadebegroting toe te laten. Van de expert wordt echter niet verwacht dat hijzelf de schade begroot, dit is het domein van de rechter.


Verkeersslachtoffers met een onbekende aansprakelijke kunnen tot vijf jaar na het ongeval ook terecht bij het Gemeenschappelijk Motor Waarborgfonds (GMWF). Deze instantie vergoedt alle lichamelijke schade die het gevolg is van de aanrijding.

Er is sprake van vluchtmisdrijf wanneer een bestuurder, die weet of behoorde te weten dat zijn voertuig de oorzaak of aanleiding was van een ongeval, de vlucht neemt.

Als u het slachtoffer bent van een ongeval, neemt het  GMWF de rol van verzekeraar over,  in de volgende gevallen:

 > de auto die u aanreed is niet verzekerde auto die u aanreed kon na twee maanden nog altijd niet worden geïdentificeerd, bijvoorbeeld bij een vluchtmisdrijf

 > u werd aangereden door een gestolen auto

 > er is sprake van overmacht waardoor geen enkele bestuurder verantwoordelijk is voor het ongeval (het ongeval werd bijvoorbeeld veroorzaakt door een olievlek op de weg)

 > de verzekeringsmaatschappij is in staat van faillissement of weigert haar verplichtingen na te komende verzekeraar antwoordt na drie maanden nog altijd niet op uw verzoek tot schadevergoeding.

Dit Fonds krijgt een percentage van de premie die u jaarlijks aan autoverekering betaald.

Het GMWF stelt na de aangifte een eigen raadsgeneesheer aan om het medisch dossier samen te stellen. U hoeft niet per se akkoord te gaan met zijn besluiten. De eigen gekozen raadsgeneesheer wordt dikwijls aangesteld door het slachtoffer om te motiveren op basis van zijn bevindingen waarom hij al dan niet akkoord gaat met het voorstel.

Pagina 1 van 2

Copyright © 2013. All Rights Reserved.